Toelating kampvuur

Aanvraag kampvuur

In Ieper is het verboden om zonder voorafgaandelijke toelating een kampvuur of grote vuurhaard te maken op openbare weg of op privaat domein.
Ook kerstboomverbrandingen kunnen enkel met een voorafgaandelijke toelating.

Opgelet! Het verbranden van afvalstoffen in de open lucht is in gans Vlaanderen verboden. Ook snoeihout en tuinafval mag niet verbrand worden. Enkel in zeer uitzonderlijke omstandigheden kan dit nog, bijvoorbeeld om fytosanitaire redenen.
Alternatieven zijn het verhakselen of afvoeren voor compostering.

Voorwaarden

Een toelating dient voorafgaandelijk aangevraagd voor het houden van een kampvuur of kerstboomverbranding, dat kan online of via een telefonische afspraak.

Regelgeving

Volgens de politieverordening dient het kampvuur ondermeer aan volgende bepalingen te voldoen (samenvatting):

  • De vlamhoogte mag max. 4 m bedragen:
  • Er moeten geschikte en voldoende brandblusmiddelen ter plaatse zijn in overeenstemming met het advies van de bevoegde brandweerdienst;
  • Na het vuur mag de plaats niet verlaten worden zonder dat het vuur volledig is gedoofd en elke heropflakkering vermeden is. Tot één uur na het doven voert de organisator een waakdienst uit;
  • Het vuur mag niet aangestoken worden op een afstand van minder dan 100 meter van gebouwen, heiden, boomgaarden, hagen, graan, stromijten of plaatsen waar het gras te drogen is gelegd, onverminderd andere wettelijke bepalingen. De ondergrond moet vrij zijn van brandbare materialen;
  • Als brandstof wordt slechts onbehandeld hout of een andere vaste natuurlijke brandstof, zoals steenkool of houtskool toegestaan;
  • De voorraadstapels moeten zich ten minste op 24 m afstand van de vuurhaard bevinden;
  • Voor het aansteken of aanwakkeren van het vuur mag nooit alcohol noch benzine of een andere vloeibare of gasvormige brandversneller worden gebruikt;
  • Er moet een veiligheidszone van minimaal 6 m breed worden vrijgehouden die op een degelijke manier wordt afgebakend. Hierin mag geen publiek worden toegelaten;
  • Er moeten steeds twee medewerkers aanwezig zijn in de veiligheidszone die toezicht houden op de brandhaard, de veiligheidszone en de onmiddellijke omgeving. Slechts één mag brandstof aan de brandhaard toevoegen;
  • Met het oog op het melden van brand of een ongeval moet een medewerker een mobiel telefoontoestel meedragen met het oproepnummer van de hulpdiensten (112) en eventueel van de EHBO-medewerker van het evenement. Verder moet hij op de hoogte zijn van de locatie (straat, plein, terrein) van de vuurhaard of het evenement;
  • Bij een aanhoudende windsnelheid van meer dan 4 beaufort (vanaf 29 km/u) moeten alle vuurhaarden worden gedoofd;
  • Brandweervoertuigen moeten zich op minder dan 60 m kunnen opstellen, behoudens een op voorhand toegestane uitzonderling;
  • Bij extreme droogte kunnen beperkende maatregelen gelden of kan kampvuur verboden worden.
Naar top